Wat is het verschil tussen een consult en een visite declareren? - Ord'us
Contact

Wat is het verschil tussen een consult en een visite declareren?

Bart ·
Versleten leren dokterstas open op kliniekbureau naast ingevuld declaratieformulier, met stethoscoop over beide objecten gedrapeerd.

Een consult declareer je wanneer de patiënt naar de praktijk komt; een visite declareer je wanneer de huisarts naar de patiënt toe gaat. Dat onderscheid klinkt simpel, maar in de dagelijkse praktijk ontstaan er regelmatig vragen over wanneer precies welke code van toepassing is. De secties hieronder beantwoorden de meest gestelde vragen over dit verschil, van tarieven en codes tot de gevolgen van een verkeerde declaratie.

Wanneer mag een huisarts een visite declareren?

Een huisarts mag een visite declareren wanneer hij of zij de patiënt thuis of op een andere locatie buiten de praktijk bezoekt en daar daadwerkelijk zorg verleent. De locatie van de geleverde zorg is doorslaggevend: niet de intentie of het voornemen om te gaan, maar de zorg die feitelijk op locatie is verleend, rechtvaardigt de visitetariefcode.

Dat betekent concreet dat een bezoek aan een verzorgingshuis, een woongroep of de eigen woning van de patiënt in aanmerking komt voor een visite, mits de zorgverlener daadwerkelijk aanwezig is en zorg verleent. Een telefonische bespreking met een mantelzorger over een thuiswonende patiënt valt hier dus niet onder. De NZa-richtlijnen voor declareren zijn op dit punt helder: de fysieke aanwezigheid bij de patiënt én de daadwerkelijk geleverde zorg zijn de voorwaarden.

Twijfel je of een specifieke situatie als visite of als consult moet worden gedeclareerd? Dat is precies het soort vraag dat in de dagelijkse praktijkroutine vaak onbeantwoord blijft, met gemiste of onjuiste declaraties als gevolg. Bij Ord’us zien ze dit patroon in veel praktijken terugkomen.

Wat zijn de tariefverschillen tussen een consult en een visite?

💬

Vragen over declareren?

Bart denkt graag met jouw praktijk mee. Neem gerust contact op.

📞 Bellen ✉️ Mailen

Een visite heeft een hoger tarief dan een consult, omdat de zorgverlener reistijd en extra inspanning levert om de patiënt op locatie te bezoeken. De NZa stelt jaarlijks de maximumtarieven vast; in 2026 ligt het visitetarief structureel hoger dan het consulttarief, waarbij ook onderscheid wordt gemaakt tussen een visite overdag en een visite buiten kantooruren.

Het tariefverschil is niet alleen een kwestie van een paar euro per declaratie. Voor praktijken die regelmatig visites afleggen, bijvoorbeeld bij een groot aantal ouderen in het praktijkgebied of bij samenwerking met een woonzorglocatie, kan een structureel onjuiste declaratie op jaarbasis leiden tot een aanzienlijk verlies aan rechtmatige inkomsten. Omgekeerd geldt: een visite declareren terwijl er feitelijk een consult op de praktijk heeft plaatsgevonden, is een onjuiste declaratie met eigen risico’s.

Het tarief voor een visite buiten kantooruren, in het weekend of op feestdagen wijkt verder af. De declaratieregels voor huisartsen schrijven voor dat de juiste tijdcode wordt gekoppeld aan de zorg die daadwerkelijk is geleverd. Juist op dit punt ontstaan in de praktijk fouten, niet uit kwade wil maar door onduidelijke interne afspraken over wie welke code declareert en wanneer.

Welke codes worden gebruikt voor een consult en een visite?

Voor een consult en een visite worden verschillende prestatiecode-categorieën gebruikt binnen het NZa-declaratiesysteem. Een consult valt onder de code voor een face-to-facecontact op de praktijklocatie; een visite valt onder een aparte prestatiecode die de locatie buiten de praktijk weerspiegelt. Beide hebben daarnaast varianten voor tijdstip, duur en bijzondere omstandigheden.

Binnen de consulten bestaat verder onderscheid tussen een kort consult, een normaal consult en een lang consult, afhankelijk van de tijdsduur en complexiteit van de daadwerkelijk geleverde zorg. Voor visites geldt een vergelijkbare opbouw, aangevuld met codes voor avond-, nacht- en weekendzorg. Een telefonisch consult valt onder een eigen prestatiecode, die niet gelijk is aan een fysiek consult en ook niet aan een visite.

In de training Optimaal Declareren van Ord’us worden al deze codes systematisch doorgenomen met het hele praktijkteam, zodat iedereen — van doktersassistente tot praktijkondersteuner en physician assistant — precies weet welke code bij welke situatie hoort. Kennis over codes is pas waardevol als iedereen in de praktijk dezelfde definitie hanteert.

Wat gebeurt er als een visite als consult wordt gedeclareerd?

Als een visite structureel als consult wordt gedeclareerd, declareert de praktijk te laag en loopt zij rechtmatige inkomsten mis. Dat is geen overtreding, maar het is wel een vermijdbaar verlies. Wordt omgekeerd een consult als visite gedeclareerd, dan is er sprake van een onjuiste declaratie die bij een controle door de zorgverzekeraar kan leiden tot terugvordering.

De gevolgen van verkeerd declareren zijn daarmee tweeledig. Structureel te laag declareren kost de praktijk financiële ruimte die rechtmatig verdiend is. Te hoog of onjuist declareren brengt een compliance-risico met zich mee: zorgverzekeraars voeren steekproeven en gerichte controles uit, en bij een patroon van onjuiste declaraties kan terugvordering volgen, soms over meerdere jaren terug.

Veel huisartsen voelen onzekerheid over declareren juist op dit punt: de angst om iets fout te doen werkt verlammend, waardoor er structureel te voorzichtig wordt gedeclareerd. Dat gevoel is begrijpelijk, maar het is geen oplossing. De declaratieregels voor huisartsenpraktijken zijn er niet om te vermijden, maar om te begrijpen en correct toe te passen. Wie de regels kent en declareert op basis van de daadwerkelijk geleverde zorg, hoeft niet bang te zijn voor controle.

Wie in de praktijk is verantwoordelijk voor de juiste registratie?

💬

Vragen over declareren?

Bart denkt graag met jouw praktijk mee. Neem gerust contact op.

📞 Bellen ✉️ Mailen

De eindverantwoordelijkheid voor een correcte declaratie ligt altijd bij de praktijkhoudende huisarts, ook als de feitelijke declaratie door een doktersassistente, praktijkmanager of andere medewerker wordt uitgevoerd. In de praktijk is de uitvoering van declaraties vaak gedelegeerd, maar de verantwoordelijkheid is dat niet.

Dat maakt duidelijke interne afspraken essentieel. Wie declareert welke verrichting, op welk moment en op basis van welke daadwerkelijk geleverde zorg? Als die afspraken ontbreken of niet gedeeld zijn met het hele team, ontstaan er gaten. Een nieuwe medewerker die niet weet wanneer een visite als zodanig gedeclareerd moet worden, maakt geen bewuste fout maar wel een vermijdbare.

Welke verrichtingen door welke zorgverlener gedeclareerd mogen worden, is niet altijd even helder. Sommige verrichtingen mogen alleen worden gedeclareerd als ze zijn uitgevoerd door een daartoe bevoegde en bekwame zorgverlener — of dat nu de huisarts, een doktersassistente, een praktijkverpleegkundige of een physician assistant is — mits dit past binnen de gemaakte afspraken. Die grenzen kennen en bewaken is een teamverantwoordelijkheid.

Ord’us richt zich precies op dit vraagstuk: niet alleen uitleggen wat de regels zijn, maar het hele team meenemen in gedeelde kennis en eenduidige werkafspraken. De training Optimaal Declareren wordt altijd op locatie gegeven met het volledige praktijkteam, zodat iedereen dezelfde basis heeft en de declaratie niet afhankelijk blijft van de kennis van één persoon. Wil je weten wat jouw praktijk nu laat liggen? Via de rendementstest van Ord’us wordt dat concreet inzichtelijk gemaakt.

Gerelateerde artikelen